
Bij een bureauonderzoek wordt doormiddel van een studie naar de geologische, geomorfologische, de bodemkundige, de historisch-geografische ontwikkeling en bekende archeologische waarden van het te onderzoeken terrein en de omgeving daarvan, een archeologisch verwachtingsmodel opgesteld. Hierdoor wordt aangegeven of het te onderzoeken terrein een archeologisch hoge, middelhoge of lage verwachting heeft en wat voor archeologische resten, daterend uit de Prehistorie tot en met Nieuwe tijd, verwacht kunnen worden. Vervolgens kan worden vastgesteld of en waar de voorgenomen bodemverstorende activiteiten schade kunnen toebrengen aan het (eventueel) aanwezig archeologisch erfgoed. De uitkomsten van het bureauonderzoek zijn richtinggevend voor het eventuele vervolgonderzoek in de vorm van een booronderzoek, proefsleuvenonderzoek of archeologische begeleiding. |